Bouw wil centrale registratie fouten
geplaatst op: 06-09-2007
Met hun brief reageren de organisaties op adviezen van de Onderzoeksraad voor Veiligheid onder leiding van Pieter van Vollenhoven over problemen met gevelbeplating van gebouwen. De reactie van de brancheverenigingen sluit in grote lijnen aan bij de standpunten die minister Vogelaar (wonen, wijken en integratie) in juni bekendmaakte. De brancheorganisaties zijn positief over het voorstel van de Onderzoeksraad om één centrale registratie van voorvallen in te voeren. Registratie en analyse van de gegevens is een goede manier om te leren van fouten en verbeteringen in het bouwproces te bevorderen. Overigens wordt registratie van incidenten in de bouw al langere tijd uitgevoerd in het kader van het project ‘leren van instortingen’.
Specialisatie Bouwend Nederland, ONRI en BNA onderschrijven de conclusie van de Onderzoeksraad dat er, naast registratie, meer maatregelen en initiatieven kunnen worden genomen om de constructieve veiligheid van bouwwerken beter te waarborgen. De oorzaken van de onderzochte voorvallen beperken zich niet tot technische aspecten. Toenemende specialisatie en versnippering van het bouwproces leiden ertoe dat goede coördinatie binnen het bouwproces onontbeerlijk is. De problemen beperken zich zeker niet alleen tot gevelbeplating, zo stellen de brancheorganisaties. De verenigingen schrijven de minister open te staan voor overleg over de eenduidige coördinatie van de constructieve veiligheid binnen het bouwproces. Vogelaar heeft eind juni als reactie op het rapport van de Onderzoeksraad al laten weten in elk geval twee aanbevelingen niet over te nemen. Zo voelt zij niets voor een hoofdconstructeur en evenmin voor omgekeerde bewijslast waarbij de vergunningaanvrager moet aantonen dat ontwerp, uitvoering en gebruik van een bouwwerk veilig zijn. Dit laatste wijst zij af omdat dit al geregeld zou zijn. De vergunningaanvrager is daar nu al verantwoordelijk voor.
(Cobouw 6-9-2007).
Terug
|