CE-markering en kwaliteitsverklaring
geplaatst op: 05-02-2008
Het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM) heeft op 13 november 2007 een wetswijziging gepubliceerd in het Staatsblad nr. 439 met betrekking tot de artikelen 1.6 en 1.7 van het Bouwbesluit 2003. Deze wetswijziging is op 14 januari 2008 in werking getreden. De aanleiding voor deze wijziging is een inbreukprocedure van de Europese Commissie jegens Nederland. De reden is dat de Europese Commissie uit de oorspronkelijke wettekst van genoemde artikelen leest dat een kwaliteitsverklaring gelijkgesteld wordt met CE-markering. Niets is minder waar. Toch heeft de Nederlandse regering gemeend de onderhavige bepalingen te wijzigen. De argeloze, niet juridisch geschoolde, lezer zou uit die wettekst verkeerde conclusies kunnen trekken.
Als coördinator namens Bouwend Nederland, NVTB, ONRI, BNA en UNETO VNI heeft Stichting Bouwkwaliteit (SBK) op 13 december 2007 een bezwaarbrief over deze wijziging gezonden aan de verantwoordelijke minister voor Wonen, Wijken en Integratie. De reden daarvoor was dat uit de gewijzigde wetteksten gelezen kan worden dat voor bouwproducten met een CE-markering geen (erkende) kwaliteitsverklaring meer geeist of verplicht zouden kunnen worden. Op 11 januari 2008 heeft SBK intensief overlegd met vertegenwoordigers van VROM, naar aanleiding van de brief.
De uitkomst van dat overleg met VROM is dat:
- voor de regering bepalend is dat de juiste vertaling plaatsvindt van de regels van de Europese richtlijn voor bouwproducten in nationale wetgeving;
- niet de suggestie mag worden gewekt dat een (erkende) kwaliteitsverklaring in de plaats treedt van CE-markering;
- het mogelijk was, is en blijft om vrijwillig (erkende) kwaliteitsverklaringen te voeren in het economisch verkeer, ondanks CE-markering en de vanaf 14 januari jl. geldende wetswijziging, mits deze kwaliteitsverklaringen niet als bewijs wordt gehanteerd voor de CE-markering;
- het de keuzevrijheid is van partijen in het economisch verkeer om al dan niet gebruik te maken van (erkende) kwaliteitsverklaringen;
- extra kwaliteitseisen ten opzichte van de CE-markering bij een producent/leverancier (juridisch) niet mogen worden afgedwongen, omdat het handelsbelemmerend is; een afnemer moet dan een producent/leverancier zoeken die vrijwillig wel aan zijn eisen voldoet;
- het toegestaan is en blijft om op producten het KOMO-keurmerk te voeren naast de vereiste CE-markering, mits de zichtbaarheid en leesbaarheid van de CE-markering daardoor niet wordt verminderd;
- het toegestaan is en blijft om in bestekken en inkoopvoorwaarden aanvullende ('market driven') eisen te stellen die boven de eisen van CE-markering uitgaan. Door shoppen kunnen producten worden ingekocht die hieraan voldoen;
- ook het vragen om vrijwillige (erkende) kwaliteitsverklaringen met daarbij behorende kwaliteitsborging door een certificerende instelling is toegestaan;
- voor producten met CE-markering moet worden aangetoond dat wordt voldaan aan het Bouwbesluit om te mogen worden toegepast in bouwwerken. Bij een erkende kwaliteitsverklaring is dit automatisch inbegrepen;
- kwaliteitsverklaringen zijn vrijwillig en kunnen voor vergunningverlening niet worden afgedwongen door bouw- en woningtoezicht.
Samenvattend: erkende kwaliteitsverklaringen kunnen blijven worden gevoerd en toegepast, zolang deze verklaringen maar niet de suggestie wekken in de plaats te treden van CE-markering. CE-markering moet altijd gevoerd worden en is onafhankelijk van een (erkende) kwaliteitsverklaring. Vrijwillige voering van (erkende) kwaliteitsverklaringen mag dus, mits deze extra waarde toevoegen ten opzichte van de eisen uit de betreffende Europese richtlijn voor bouwproducten en niet worden gehanteerd als bewijs voor de CE-markering. Op korte termijn zal VROM op haar website en nadere uitleg geven van de nu geldende wetswijziging.
Wij hopen dat hiermee helderheid wordt verkregen over de plaats van kwaliteitsverklaringen naast de CE-markering.
SBK Nieuws nr. 1 - januari 2008.
Terug
|