Navigatie

In het STABU nieuwsarchief worden STABU nieuwsberichten en persberichten bewaard evenals artikelen over STABU die in de media zijn verschenen.

Waar in het bestek zit duurzaamheid?

Geplaatst op 7 januari 2010

Artikel uit vakblad 'Warmtepompen' met een pleidooi over het toepassen van een warmtepomp in een veel vroeger stadium van de bouw.

Warmtepompen komen zelden in een bestek, terwijl de CV er wel in komt. De oorzaak? Het toepassen van een warmtepomp moet al in een veel vroeger stadium van de bouw meegenomen worden. Zelfs al in een functioneel ontwerp of een Plan van Eisen. “ Daar worden de cruciale beslissingen genomen.”

Waarom worden warmtepompen net als veel andere duurzame oplossingen zelden opgenomen in bestekken? “Geen idee”, zegt Peter van der Woerd. Hij is directeur van Het Adviescollectief en lid van de Bond van Nederlandse Bestekdeskundigen. “Als ze niet in bestekken komen, dan worden ze niet gebruikt. Ik zie geen reden, bestektechnisch gezien, waarom warmtepompen niet worden opgenomen. Het ligt aan de adviseur of ontwerper. En vooral aan de opdrachtgever. Er zijn namelijk allerlei oplossingen voor een duurzaam gebouw, maar de duurzaamheid leeft helaas niet bij opdrachtgevers.”

Bij het zoeken in het STABU-bestand komt Van der Woerd inderdaad maar weinig warmtepompen tegen. “Ligt niet aan STABU hoor. Het ligt aan de fabrikanten. Die moeten namelijk geld betalen om in de bestekken te komen. Vaak zien ze de toegevoegde waarde daar niet van, omdat de vraag niet groot is. Als bestekschrijver vind ik het echter juist fijn als een warmtepomp in een bestand staat, want dan kan ik het overnemen. De ketelfabrikanten staan er toch ook in?”
Aan het opnemen van warmtepompen in bestekken zitten wel wat haken en ogen. Het apparaat beschrijven is namelijk helemaal niet zo moeilijk. De bronnen, die vormen een bestekprobleem. Van der Woerd: “Het voortraject is niet gemakkelijk. In het voorlopige ontwerp moet je al weten of een warmtepomp realiseerbaar is. Ik hamer er altijd op dat een aannemer een goede adviseur moet zoeken, zodat hij een goede schets kan maken. Op dat moment kijken we al naar de installaties. Daar worden de cruciale beslissingen genomen.”

Inregelen
Sietse Damstra, directeur van Adviesgroep HTD, ziet geen enkel probleem met betrekking tot warmtepompen en bestekken. “Wij schrijven elk bestek zelf. De STABU-Standaard gebruiken we wel, maar we zetten ons eigen hoofdstuk erin. Ik denk dat het vooral aan de adviseur ligt hoe bestekken worden ingevuld. Wij werken fabrikantonafhankelijk. Dan moeten we onze eigen teksten wel schrijven.”
Binnen de utiliteit probeert Damstra waar mogelijk altijd een warmtepomp op te nemen. Op dit moment heeft tachtig procent van de utiliteit waarbij HTD een rol heeft gespeeld een warmtepomp. “Een warmtepomp is voor ons nagenoeg een standaardinstallatie. De overheid legt de nadruk op duurzaam werken en met de eisen die aan energieprestaties worden opgelegd, kun je tegenwoordig eigenlijk niet meer zonder warmtepomp.”
Met het verwerken van de bestekken hebben installateurs volgens Damstra geen problemen. De makke ligt op een ander vlak. “Het probleem is dat installateurs eigenlijk een beetje verwend is geraakt dankzij de huidige ketels. Vandaag de dag is een ketel een hightech apparaat. Je hangt de ketel op, je stopt de stekker in het stopcontact en klaar. Het is plug en play. Slechte inregelstanden worden veelal gecompenseerd door de ketel. Daar ligt het knelpunt: een installateur moet goed inregelen.”
Dit geldt zeker als het over warmtepompen gaat. Die zijn immers een stuk minder overgedimensioneerd dan de installateur gewend is van installaties waarmee gewoonlijk gewerkt wordt. Een tweede probleem is de positie van de installateur binnen de bouwkolom. De gangbare weg vandaag de dag is dat een gebouw altijd goedkoop moet worden uitgevoerd. De opdrachtgever wil maar een aanspreekpunt en zo wordt het vaak de aannemer die de leiding krijgt bij een project. Deze zoekt, om zijn marges te halen, een zo goedkoop mogelijke installateur. Die installateur wordt vervolgens uitgeknepen en zal hierdoor overal op moeten bezuinigen. Het gevolg: een slechter eindproduct dan nodig is. Het komt zelfs voor dat een warmtepomp aan het einde van een project er nog 'even' ingezet moet. Belachelijk, vindt Damstra. “Het voordeel van werken met een adviesgroep is de installaties al in het beginstadium van projecten onderdeel uitmaken van de besprekingen. Wij leggen hierbij de nadruk op een integrale afstemming van de installatie, het gebouw en de gebruiker. De installateur zelf is hier nog helemaal niet aan de orde. Ik denk dat hier de architect toch een beetje moet worden opgevoed. Hoe eerder er een adviseur instapt, hoe beter de rit. Een complexe installatie als een warmtepomp is immers niet hetzelfde als een ketel die je plaatst. Het heeft een goed ontwerp nodig. Ruimere of betere bestekken maken daarbij geen verschil. Een installateur kan heus wel een installatie plaatsen. Maar vergeet niet budget te reserveren voor een  goede installateur. Mensen geven met gemak een halve ton uit aan een keuken, maar 3000 euro voor een goede en vakbekwame installateur is al snel teveel. Ik vind dat ongelofelijk. Verkeerd installeren en slecht inregelen is immers in tachtig procent van de gevallen de oorzaak van een niet optimaal functionerende installatie.”

Strijd
“Maak warmtepompen kraampjesachtig”, zegt Cor Cornax. Hij is senior projectcoördinator werktuigbouwkunde en procestechniek bij STABU. “Een warmtepomp kampt met een aantal problemen waardoor het nog niet tot een echte doorbraak komt”, vervolgt Cornax. Een van die problemen is dat het niet eenvoudig is om warmtepompen kant-en-klaar is te kopen, alsof je zet tijdens Koninginnedag op een kraampje kan bemachtigen. De warmtepomp zelf is wel te koop, maar het gaat om de consequenties ervan op de rest van de installatie. Radiatoren zijn niet het ideaal. De warmtepomp heeft een hoog rendement (COP) bij lage CV-watertemperaturen, daarom is vloerverwarming een must. Als er dan een tekort is aan warmtevermogen, dan moet bijvoorbeeld de CV-ketel bijspringen. Denk je ook aan de bron, zoals bodemwarmte, dan praat je voor je het weet over een WKO-installatie. Kortom dat vereist een goed ontwerp en vakkundige installatie van al die producten en installatiedelen waarvan een warmtepomp een onderdeel is, om tot een goed werkend geheel te komen.
Een ander probleem is de mate van uitwisselbaarheid. Radiatoren kunnen vervangen worden door convectoren maar een warmtepomp niet door een CV-ketel. “Hierbij raak je de kern van het probleem van het doorbreken van de warmtepomp in de markt”, aldus Cornax. “Vergelijk de warmtepomp eens met de mobiele telefoon. Waarom is de mobiele telefoon wel een instant succes? Ten eerste was het een nieuw product, dat een oud product niet wegdrukte. Het is geen concurrent van de vaste telefoon. De warmtepomp is wel concurrerend. Hij moet de strijd met de HR-ketel aan.

Bestek
Cornax: “Als je de vraag stelt waarom warmtepompen zo weinig voorkomen in bestekken, roept dat bij mij een wedervraag op: waarom worden radiatoren wel opgenomenin diezelfde bestekken? Ik vermoed dat het een kwestie is van traditie en het feit dat onbekendheid onbemind maakt.”  In de STABU-bestanden zijn zowel neutrale- als fabrikantspecifciaties van warmtepompen opgenomen. “Daar zien wij de belangstelling voor warmtepompen in terug, niet alleen vanuit de fabrikant maar ook met het oog op duurzaam bouwen.” Warmtepompen komen niet beter in de markt via bestekken, meent  Cornax. Het gaat er eigenlijk om dat de installatie heel vroeg in het traject gebracht wordt. “Al tijdens het functioneel ontwerp of in het Plan van Eisen. Als je in het voortraject duurzaam wint, dan is de beslissing voor een warmtepomp al genomen.


Bestek?
Een bestek is de volledige omschrijving van een uit te voeren (bouw)werk, inclusief de van toepassing zijnde administratieve, juridische en technische bepalingen, materialen en uitvoeringsvoorwaarden. Aan het bestek zijn tekeningen gekoppeld, de zogenaamde bestektekeningen die samen met het bestek de basis vormen van het contract tussen opdrachtgever en aannemer. De branchevereniging voor bestekschrijvers in Nederland is de BNB (Bond van Nederlandse Bestekdeskundigen). De gebruikelijke systematiek in de Nederlandse ontwikkeling voor de woning- en utiliteitsbouw is de STABU-systematiek, die wordt uitgegeven door de Stichting STABU. Met behulp hiervan kunnen bestekschrijvers snel en efficiënt projectbestekken maken en bewerken.

Het bestek bevat als eerste een algemeen deel met de algemene omschrijving, algemene projectgegevens, bepalingen over werkzaamheden van derden, regelingen over de aanbesteding en inschrijving. Vervolgens wordt aangegeven welke voorwaarden en voorschriften van toepassing zijn, bepalingen omtrent verzekeringen, bepalingen over verrekeningen van wijzigingen en meer- en minder werk, bepalingen over tekeningen en berekeningen en regelingen omtrent de arbeidsomstandigheden. Ook allerlei bouwplaatsvoorzieningen komen hierin aan de orde.
Vervolgens wordt het hele object in onderdelen beschreven: welke materialen toegepast moeten worden en van welke kwaliteit. Tot slot worden alle bepalingen die afwijken van de Standaard STABU-bepaling, beschreven. Hier dient de aannemer zich aan te houden.


bron: Warmtepompen, november 2009

Terug naar de vorige pagina

Stuur deze pagina door